Coördinatie voedselbedeling door CAW positief geëvalueerd

30-07-2015 20:25

Het CAW coördineert vanaf mei 2014 de voedselbedeling in Geraardsbergen. ‘Dat was een uitstekende beslissing’, argumenteert OCMW-voorzitter David Larmuseau. ‘Want voorheen waren vijf organisaties actief op dat terrein. Iedereen werkt nu samen vanuit één visie. Na één jaar staan we veel verder dan iemand durfde te vermoeden.’

Van vijf naar één
Geraardsbergen kende tot vorig jaar vijf initiatieven die voedselhulp gaven aan kansarmen. Het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk (CAW) bedeelde crisispakketten binnen het wijlcentrum De Poort en ook Stop Armoede, Welzijnsschakel ‘t Steksken en De Vrijwilliger zijn op dit terrein actief. Daarnaast nam het OCMW in februari 2014 de voedselbedeling over van vzw De Toevlucht.
Een coördinatie van die versnipperde werking drong zich op. Het OCMW besliste om binnen en de schoot van het CAW van Geraardsbergen vanaf 1 mei 2014 één persoon gedurende één dag per week vrij te stellen.

Naar uniforme werking in de Denderstreek
‘Het CAW was het beste geplaatst’, vertelt OCMW-voorzitter Larmuseau. ‘Die organisatie staat immers ook in Aalst en in Ninove in voor de voedselbedeling. Op die manier komt op termijn een eenvormige werking tot stand voor heel de Denderstreek. Bovendien ziet het CAW de voedselbedeling als een vertrekpunt voor de verhoging van de zelfredzaamheid van kansarmen, wat volledig in de lijn ligt van de visie en de missie van het OCMW.’ Een derde pluspunt is dat het CAW, in tegenstelling tot het OCMW, een beroep kan doen op gratis goederen van de Voedselbank.

Voedselhulp is tijdelijk
‘De eerste opdracht was het samen rond de tafel brengen van alle initiatiefnemers met de bedoeling om zo snel mogelijk tot een eenvormige werking te komen’, weet de OCMW-voorzitter. ‘Dat is zeer vlot gelopen.’
Alle organisaties werkten samen een gezamenlijke visienota uit en ook de toeleidingscriteria werden op elkaar afgestemd. Verder kwamen er praktische afspraken voor de bedeling. Een uitgangspunt is het tijdelijke karakter van de voedselbedeling. Na drie maanden gebeurt een evaluatie of die nog langer nodig is. De bedeling vindt plaats in de ontmoetingsruimte van het wijkcentrum De Poort, waar iedereen een kop koffie of soep krijgt aangeboden. ‘Die aanpak biedt de mogelijkheid voor het aanknopen van een gesprek met de vrijwilligers en de hulpverleners’, weet Larmuseau. Naar de toekomst staan de verruiming van het aanbod, het versterken van de ontmoetingsfunctie en de organisatie van kookworpshops op het programma.

Dynamiek versterken
‘Na één jaar staan we veel verder dan iemand durfde te vermoeden’, besluit OCMW-voorzitter David Larmuseau. ‘We gaan dan ook de bestaande dynamiek versterken. Want op die manier gebeurt een structureel goede aanpak van een van de meest heikele punten waarmee onze samenleving wordt geconfronteerd: de voedselhulp aan wie daar echt nood aan heeft.’